De Pleisteractie 2026 van Rode Kruis-Vlaanderen heeft een recordopbrengst van 4,14 miljoen euro opgeleverd. Dat maakte de organisatie bekend op de internationale Rode Kruisdag van 8 mei. In totaal werden 414.000 pleisters verkocht, goed voor 4.000 meer dan vorig jaar.
Van 23 april tot en met 7 mei trokken meer dan 13.000 vrijwilligers van Rode Kruis-Vlaanderen door heel Vlaanderen om pleisters te verkopen. De opbrengst gaat integraal naar de meer dan 200 lokale afdelingen.
“De opbrengsten van de pleisteractie gaan integraal naar onze meer dan 200 lokale afdelingen,” zegt woordvoerder Vincent Verbeecke. “Hiermee kunnen onze vrijwilligers verder investeren in onder andere de gratis EHBO-opleidingen, onze hulpverlening op evenementen en tijdens crisissituaties. Kortom, in de algemene weerbaarheid van Vlaanderen.”
Volgens de organisatie blijft de Pleisteractie de belangrijkste financieringsbron voor de lokale werking. Afdelingen beslissen zelf hoe ze de middelen inzetten, afhankelijk van de noden in hun gemeente of regio.
“Voor veel afdelingen is de Pleisteractie cruciaal om hun werking verder te professionaliseren en uit te bouwen,” aldus Vincent Verbeecke. “De pleisteractie is ook relevanter dan ooit. Het belang van rampenparaatheid en weerbaarheid staat hoog op de agenda. Om die rol verder op te nemen zijn deze inkomsten van groot belang.”
Dit jaar stonden verschillende Studio 100-figuren op de pleisters, naar aanleiding van het 30-jarig jubileum van het entertainmentbedrijf. Ook Samson en Marie Verhulst steunden de actie.
“Samson en ik vonden het een hele eer om samen met onze Studio 100 vrienden op de pleister te staan en zo de Pleisteractie van het Rode Kruis mee te ondersteunen. Voor ons is dit heel belangrijk, want helpen doen we graag,” klinkt het bij Samson & Marie.
Volgens Rode Kruis-Vlaanderen toont het succes van de actie ook een groeiende waardering voor vrijwilligerswerk. “Onze vrijwilligers zetten zich onbezoldigd in, in hun vrije tijd. Het is dan ook zeer aangenaam om te zien dat de Vlaming dat duidelijk kan smaken,” besluit Vincent Verbeecke.
