Stad Mechelen zet voortaan slimme bodemvochtsensoren in om het groenbeheer efficiënter en duurzamer te maken. Op zes locaties in de stad worden sensoren geplaatst die continu het vochtgehalte in de bodem meten. Zo kan de stad sneller en gerichter reageren wanneer bomen en planten extra water nodig hebben.
Met deze technologie wil Mechelen haar parken en jonge aanplantingen beter beschermen tegen droge periodes en de gevolgen van wisselvallige weersomstandigheden. De sensoren sturen automatisch signalen wanneer de bodem te droog wordt, waardoor de stadsdiensten beter kunnen bepalen waar en wanneer er moet worden gegoten of gesproeid. Dat zorgt niet alleen voor gezondere bomen, maar helpt ook om water efficiënter te gebruiken.
De stad kiest bewust voor een proefopstelling op zes uiteenlopende locaties: het Keerdokpark, de H. Speecqvest, het Steenwegpark, de Perelaarstraat in Muizen, de Kruidtuin en het Maria Van Deyckpark. Door verschillende omgevingen te testen, wil de stad nagaan hoe de technologie het best ingezet kan worden op grotere schaal.
Schepen voor Biodiversiteit Patrick Princen benadrukt het belang van deze innovatieve aanpak. “Met deze sensoren zetten we opnieuw een stap richting datagericht beheer van onze publieke ruimte. Zeker in nieuwe parken en bij jonge bomen is het belangrijk om kort op de bal te spelen. Dankzij realtime informatie kunnen we sneller reageren en vermijden we dat bomen onnodige droogtestress oplopen. Zo houden we onze parken gezond, ook in tijden van wispelturig weer.”
Met dit proefproject zet Mechelen verder in op slimme oplossingen die bijdragen aan een klimaatbestendige en duurzame stad, met bijzondere aandacht voor groenvoorziening en biodiversiteit.
