Tijdens de gemeenteraad in Mechelen protesteerde oppositiepartij VolksLiga tegen de invoering van de nieuwe afvalbakken. Partijleden waren verkleed als afvalzakken aanwezig in de raadszaal. Volgens VolksLiga werd het nieuwe afvalbeleid zonder inspraak doorgeduwd en trof het vooral inwoners die klein woonden of het financieel moeilijk hadden.
“De overgang van zak naar bak is slecht voorbereid en volledig voorbijgegaan aan hoe mensen écht wonen,” zei partijvoorzitter Henning Van Duffel. “Wie in een klein appartement leeft, zit nu twee weken met een stinkende bak opgescheept. Dat is geen modern beleid, dat is minachting voor bewoners.”
De partij hekelde ook de kostprijs van het nieuwe systeem. Raadslid Ken Willekens wees op een duidelijke prijsstijging. “Vroeger betaalde je drie euro voor een grote vuilniszak waar makkelijk tien kilo afval in kon. Dat is ongeveer het gemiddelde restafval van een gezin per twee weken. Nu ben je met de kleinste container, in het goedkoopste geval, voor datzelfde gewicht 4,30 euro kwijt. Dat is een stijging van 43 procent.”
Volgens VolksLiga was het systeem bovendien ongelijk. “Mensen met een badge voor de OCT-containers zijn per aanbieding goedkoper uit dan mensen met een diftar-bak. Dat druist in tegen de gelijkheidsprincipes,” klonk het. “Iedere Mechelaar zou voor hetzelfde afval dezelfde lage aanbiedprijs moeten betalen, ongeacht het type container of de selectie door het stadsbestuur of Ivarem.”
De partij pleitte daarom voor een grondige koerswijziging. VolksLiga wilde het stedelijk monopolie op afvalophaling openbreken en inzetten op privatisering. “Concurrentie tussen verschillende aanbieders kan zorgen voor betere service en meer respect voor de burger,” besloot Van Duffel.
