Vlaams minister van Welzijn Caroline Gennez heeft dinsdag basisschool Sint-Jan in Tisselt bezocht. Ze kwam er kennismaken met het Willebroekse project rond gezonde voeding op school. Sinds januari krijgen alle 2.843 leerlingen van de negen Willebroekse basisscholen minstens twee keer per week een gezond tussendoortje. De gemeente en de Vlaamse overheid investeren daarvoor samen ongeveer 484.000 euro per schooljaar.
De scholen kunnen kiezen uit vers fruit en groenten, warme soep en melkproducten. Zo krijgen alle leerlingen tijdens de schooldag toegang tot gezonde voeding en maken ze op een laagdrempelige manier kennis met nieuwe smaken. De Vlaamse overheid voorziet ongeveer 136 euro per leerling. Willebroek legt daar nog eens 34 euro per leerling bovenop. Dat brengt de totale investering op ongeveer 170 euro per leerling per schooljaar.
Willebroek neemt een belangrijk deel van de praktische organisatie en administratie op zich. De scholen kunnen de middelen niet alleen gebruiken voor de aankoop van voeding, maar ook voor noodzakelijke bijkomende kosten, zoals bewaardozen, soepkommen en bestek of een vergoeding voor helpende handen.
“Gezonde voeding is een belangrijke brandstof om te leren. Kinderen die gezond eten, kunnen zich beter concentreren en voelen zich fitter en gezonder”, zegt schepen van Jeugd en Onderwijs Serkan Bozyigit. “Dankzij deze subsidie kunnen scholen hun bestaande inspanningen verder versterken zónder dat de kosten bij de ouders terechtkomen. De middelen laten iedereen toe om gezonde voeding op een structurele manier in het dagelijkse schoolleven te verankeren en er bovendien ook educatieve activiteiten rond uit te bouwen.”
Basisschool Sint-Jan in Tisselt laat op dinsdag en donderdag fruit leveren. Tijdens de wintermaanden wordt één van de wekelijkse fruitleveringen vervangen door warme soep. “Tussen de herfst- en de krokusvakantie wordt één levering fruit per week ingewisseld voor één levering warme soep. We verwachten dat onze kinderen hier in de wintermaanden van zullen smullen”, zegt schooldirecteur Tom De Wachter.
De school probeert de praktische belasting voor het personeel beperkt te houden. “Het was voor ons erg belangrijk om de werklast voor onze medewerkers zo laag mogelijk te houden. Daarom wordt het fruit voor de kleuters en de kinderen van het eerste leerjaar gesneden aangeleverd. Bij de warme soep moeten we achteraf niets afwassen, zelfs de gebruikte bekers kunnen we vuil teruggeven aan het soepbedrijf. Deze manier van werken verlaagt de drempel om deel te nemen enorm.”
Willebroek had eerder al een armoedesubsidie voor het onderwijs. Scholen konden daarmee zelf initiatieven opzetten om leerlingen in kwetsbare situaties te ondersteunen. Zo werden onder meer warme soep, fruitmomenten en kookactiviteiten georganiseerd. Dankzij de Vlaamse en gemeentelijke steun kunnen dergelijke initiatieven verder worden uitgebouwd en krijgen alle Willebroekse leerlingen het hele jaar toegang tot een gezond aanbod.
Sint-Jan Tisselt neemt niet deel omdat er een probleem zou zijn met lege brooddozen. “Wij blijven gelukkig gespaard van lege brooddozen in de klas”, aldus De Wachter. “We schreven als school in omdat we dit een knap initiatief vinden en omdat we onze kinderen graag gezonde gewoontes willen aanleren. We weten echter dat de situatie in sommige andere Willebroekse scholen anders is. Heel wat gezinnen hebben het moeilijk, en een school merkt zulke zaken vaak als eerste op. Het is echter niet altijd mogelijk om hier -zeker met de beperkte middelen waarmee scholen moeten werken- zelf een oplossing aan te bieden. Dit project kan dus écht een verschil maken.”
Het project moet volgens de gemeente ook bijdragen aan gelijke onderwijskansen. “Niet elk gezin beschikt over dezelfde mogelijkheden. Door gezonde tussendoortjes op school aan te bieden, verkleinen we drempels die een impact kunnen hebben op het welzijn en de schoolprestaties van kinderen”, zegt schepen van Armoedebestrijding Murat Oner. “Zo versterken we gelijke kansen zonder gezinnen extra lasten op te leggen. Dat dit vandaag mogelijk is voor alle basisscholen in Willebroek, is ook de verdienste van de schoolteams en de ouders die het project elke dag mee helpen realiseren.”
Voor het project werkt Willebroek samen met Fruitsnacks en sociaal-economische organisatie Nektari uit Puurs-Sint-Amands. Daarmee wordt ook de sociale economie in de regio ondersteund.
Het Willebroekse project kwam er na een projectoproep van minister Caroline Gennez. Na de eerste twee oproepen kregen al zo’n 90.000 leerlingen gezonde voeding op school. Vanaf dit schooljaar gaat het om 145.785 kinderen in 732 scholen in Vlaanderen en Brussel. “Meer dan 145.000 kinderen krijgen het komende schooljaar gezonde voeding op school. Daar ben ik bijzonder blij mee”, zegt Gennez.
“Kinderen hebben gezonde voeding nodig om te groeien, te spelen en zich te concentreren in de klas. Het helpt hen om beter te leren en beter te presteren. Maar we doen meer dan dat. We leren kinderen ook gezonde eetgewoontes aan die ze vaak voor de rest van hun leven meenemen.”
Volgens de minister levert gezonde voeding op school dan ook een meervoudige winst op: kinderen krijgen meer kansen om gezond op te groeien en tegelijk wordt geïnvesteerd in preventieve gezondheidszorg. “De kinderen die vandaag in de klas zitten, zijn de volwassenen van morgen. Als we hen nu gezonde gewoonten kunnen aanleren, investeren we in een gezondere generatie. Dat is geen luxe, maar een verantwoordelijkheid”, besluit Gennez.
Foto: Gemeente Willebroek
